Fill in the blank

Van mededeling naar vraag

Kies de juiste tegenwoordige werkwoordsvorm. Vergelijk mededelingen met vragen en let extra op jij, je en u.

0 / 22 blanks filled0%

Question 1

Jij _____ de eerste route duidelijk. _____ jij de andere route ook gemakkelijk? (vinden)

Options: vindt, vind, vinden, Vindt, Vind, Vinden

Question 2

Je _____ snel moe in de auto. _____ je in de trein ook snel moe? (worden)

Options: word, worden, wordt, Word, Wordt, Worden

Question 3

Jij _____ vandaag op alle berichten. _____ jij morgen ook meteen? (antwoorden)

Options: antwoord, antwoordt, antwoorden, Antwoordt, Antwoorden, Antwoord

Question 4

U _____ de ingang aan de overkant. _____ u daar ook de bushalte? (vinden)

Options: vindt, vind, vinden, Vind, Vindt, Vinden

Question 5

De medewerker controleert de gegevens: "U _____ volgende week zestig. _____ u op zaterdag zestig?" (worden)

Options: word, worden, wordt, Wordt, Word, Worden

Question 6

Jij _____ bij halte vier. _____ jij op dezelfde bus als Noor? (wachten)

Options: wachtt, wacht, wachten, Wachtt, Wachten, Wacht

Question 7

Je _____ rustig met de klant. _____ je daarna ook met de manager? (praten)

Options: praat, praatt, praten, Praatt, Praat, Praten

Question 8

Morgen heeft Amir een nieuwe baan. _____ hij dan manager? (worden)

Options: Word, Worden, Wordt

Question 9

Nora kijkt op de plattegrond. _____ zij de ingang gemakkelijk? (vinden)

Options: Vindt, Vind, Vinden

Question 10

_____ ik volgende maand dertig jaar? (worden)

Options: Wordt, Word, Worden

Question 11

_____ jullie na de cursus allemaal lid van de bibliotheek? (worden)

Options: Wordt, Word, Worden

Question 12

In de les _____ ik altijd duidelijk op een korte vraag. (antwoorden)

Options: antwoord, antwoordt, antwoorden

Question 13

_____ jij van koffie, of drink je liever thee? (houden)

Options: Houdt, Houd, Houden

Question 14

_____ u vandaag nog op mijn e-mail? (antwoorden)

Options: Antwoord, Antwoorden, Antwoordt

Question 15

_____ u graag bij het raam, meneer Vos? (zitten)

Options: Zitt, Zitten, Zit

Practice Van mededeling naar vraag with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Van mededeling naar vraag in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.