Grammar learning path · C1 Advanced
Informatiestructuur met woordvolgorde sturen.
Nederlandse woordvolgorde drukt niet alleen grammaticale relaties uit, maar ook wat bekend, nieuw of contrasterend is. Je leert neutrale en gemarkeerde posities vergelijken en kiest bewust tussen compacte schrijftaal en natuurlijke gesproken informatiestructuur.
First lesson · Thema, focus en informatiestructuur
What you'll learn.
- Thema, focus en informatiestatus in zinnen herkennen.
- Objecten en bijwoorden in het middenstuk natuurlijk ordenen.
- Topicalisatie met correcte inversie en een duidelijke discoursfunctie gebruiken.
- Rechtsplaatsing en hervatting naar medium, register en verwerkingsbehoefte beoordelen.
Before you start.
- Je kent de V2-regel en de basisvolgorde van hoofd- en bijzinnen.
- Je kunt onderwerp, objecten en bijwoordelijke bepalingen benoemen.
Lessons in this path.
Take them in order- 1Lesson 1Thema, focus en informatiestructuur
Onderscheid thema, focus en gegeven of nieuwe informatie om de communicatieve opbouw van een zin te verklaren.
- 2Lesson 2Objecten en bijwoorden herschikken in het middenstuk
Rangschik objecten en bijwoorden in het middenstuk volgens informatiestatus, gewicht, klemtoon en vaste grammaticale grenzen.
- 3Lesson 3Gemarkeerde woordvolgorde en topicalisatie
Plaats een zinsdeel bewust voorop om het als thema of contrast te markeren en bewaak inversie en register.
- 4Lesson 4Rechtsplaatsing en hervatting in gesproken taal
Herken rechtsplaatsing en hervatting als registergevoelige spreekstrategieën en redigeer ze doelgericht voor schrijftaal.
Ready?
Thema, focus en informatiestructuur.
Begin with the first lesson and work through the practice at your own pace.