Question 1
Op het scorebord staat 0. Welk woord hoort daarbij? _____
Options: nulle, nul, één
Kies de juiste Nederlandse schrijfwijze van het getal.
Question 1
Op het scorebord staat 0. Welk woord hoort daarbij? _____
Options: nulle, nul, één
Question 2
Een doos bevat 16 potloden. Hoe schrijf je 16? _____
Options: zestien, zestig, zes-tien
Question 3
De bus heeft nummer 40. Welke schrijfwijze is juist? _____
Options: viertien, vierzig, veertig
Question 4
Op de lijst staan 21 namen. Hoe schrijf je 21 als één woord? _____
Options: eenentwintig, eentwintig, twaalf
Question 5
Het huis heeft nummer 34. Hoe schrijf je dit getal als één woord? _____
Options: vierenveertig, vierendertig, vier en dertig, vierdertig
Question 6
De bus heeft nummer 60. Hoe schrijf je dat getal? _____
Options: zestien, zesstig, zestig
Question 7
Er zijn 30 kaartjes verkocht. Hoe schrijf je dat aantal? _____
Options: dertien, dertig, drietig
Question 8
Op twee dozen staan 70 en 80. Schrijf de getallen in dezelfde volgorde: _____.
Options: zeventig en tachtig, zeventien en achttien, zeventig en achtig, tachtig en zeventig
Question 9
Een klas heeft 22 leerlingen. Hoe schrijf je dat aantal? _____
Options: tweeentwintig, tweeëntachtig, tweeëntwintig
Question 10
Op de plank staan 23 kopjes. Hoe schrijf je 23 correct? _____
Options: drieëntwintig, drieentwintig, drietwintig
Question 11
De trein stopt op spoor 32. Hoe schrijf je dit nummer? _____
Options: drieëntwintig, tweeëndertig, tweeendertig, twee en dertig
Question 12
De hardloper draagt nummer 43. Hoe schrijf je 43? _____
Options: drieenveertig, drieënviertig, drieënveertig
Question 13
Op het bord staan 100 en 200. Vul de getalwoorden in dezelfde volgorde in: het bord toont _____.
Options: honderd en tweehonderd, honderd en twee honderd, honderd en honderdtwee
Question 14
De school heeft 125 leerlingen. Welke schrijfwijze is één woord? _____
Options: honderd vijfentwintig, honderdvijfentwintig, vijfentwintighonderd
Question 15
De bibliotheek heeft 350 boeken en het dorp heeft 1.000 inwoners. Welke beschrijving schrijft beide getallen goed? _____
Options: driehonderd vijftig boeken en een duizend inwoners, vijftigdriehonderd boeken en duizend inwoners, driehonderdvijftig boeken en duizend inwoners
Practice Getallen lezen en schrijven with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Getallen lezen en schrijven in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.