Fill in the blank

Verwijzen, vragen en woordvolgorde

Kies de natuurlijke verwijzing of woordvolgorde bij vaste voorzetsels.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Het resultaat komt morgen. We rekenen _____.

Options: erop, op haar, eraan

Question 2

Het buurtplan is belangrijk. Veel bewoners dragen _____ bij.

Options: erop, eraan, ervan

Question 3

De startdatum is nog onzeker. De planning hangt _____ af.

Options: daaraan, daarop, daarvan

Question 4

We rekenen _____ als leider van het team.

Options: op haar, erop, daaraan

Question 5

_____ baseert de commissie haar advies?

Options: Waarvan, Waarop, Waaraan

Question 6

_____ overlegt de projectleider over het rooster?

Options: Waarmee, Met wat, Met wie

Question 7

Waar hangt de levertijd precies _____ af?

Options: van, op, aan

Question 8

De levering is nog niet bevestigd, maar we rekenen _____.

Options: nog steeds erop, er nog steeds op, nog steeds op er

Question 9

We weten dat de planning sterk van het weer _____.

Options: hangt af, af hangen, afhangt

Question 10

De buurtbewoners klagen _____ dat er te veel nachtelijk verkeer is.

Options: erover, daarop, ervoor

Question 11

Het verslag _____ we vanochtend spraken, staat nu online.

Options: over wie, over wat, waarover

Question 12

De directeur _____ de ondernemingsraad overlegt, wil bezuinigen.

Options: waarmee, met wie, met wat

Question 13

De docent rekent _____ dat alle studenten op tijd binnen zijn.

Options: erop, eraan, ervan

Question 14

We weten dat Noor zich goed _____ het gesprek voorbereidt.

Options: voor, op, aan

Question 15

De manager overlegt met de jurist _____ de nieuwe voorwaarden.

Options: met, van, over

Practice Verwijzen, vragen en woordvolgorde with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Verwijzen, vragen en woordvolgorde in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.