All paths

Grammar learning path · A2 Elementary

Verwijzen zonder onnodige herhaling.

Goede gesprekken herhalen niet telkens dezelfde namen, zaken en plaatsen. Je leert verschillende voornaamwoorden kiezen op basis van functie, bepaaldheid, bezit en het soort informatie waarnaar je terugverwijst.

5 lessons16 exercisesIn order, or à la carte
Start path — Lesson 1

First lesson · Persoonlijke voornaamwoorden als lijdend en meewerkend voorwerp

What you'll learn.

  • Personen en zaken als voorwerp specifiek of onbepaald vervangen.
  • Zelfstandige aanwijzende en bezittelijke vormen gebruiken.
  • Met er kort naar een bekende plaats terugverwijzen.

Before you start.

  • Je kent persoonlijke, aanwijzende en bezittelijke vormen vóór een naamwoord.
  • Je kunt de-woorden, het-woorden en meervouden onderscheiden.

Lessons in this path.

Take them in order
  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4
  5. 5
    Lesson 5
    Er als aanduiding van een plaats

    Vervang een bekende plaats door onbeklemtoond er en onderscheid die verwijzing van nadrukkelijk hier of daar.

Ready?

Persoonlijke voornaamwoorden als lijdend en meewerkend voorwerp.

Begin with the first lesson and work through the practice at your own pace.