Grammar learning path · A2 Elementary
Plannen, verwachtingen en lopende handelingen.
Je praat niet op één vaste manier over tijd. Je kiest gaan bij een plan of zichtbare ontwikkeling, zullen bij een verwachting of belofte en aan het wanneer juist het lopende karakter van een activiteit belangrijk is.
3 lessons14 exercisesIn order, or à la carte
Start path — Lesson 1
First lesson · De toekomst met gaan
What you'll learn.
- Plannen en zichtbare ontwikkelingen met gaan formuleren.
- Voorspellingen, beloften en voorstellen met zullen uitdrukken.
- Een lopende activiteit met aan het of bezig zijn met beschrijven.
Before you start.
- Je kunt zinnen met twee werkwoorden bouwen.
- Je kent de tegenwoordige vormen van gaan en zijn.
Lessons in this path.
Take them in order- 1Lesson 1De toekomst met gaan
Gebruik gaan plus infinitief voor plannen, besluiten en ontwikkelingen waarvoor nu duidelijke aanwijzingen bestaan.
- 2Lesson 2De toekomst met zullen
Gebruik zullen voor verwachtingen, voorspellingen, beloften, aanbiedingen en gezamenlijke voorstellen.
- 3Lesson 3Bezig zijn met aan het en een infinitief
Benadruk een activiteit die gaande is met aan het plus infinitief of benoem een taak met bezig zijn met.
Ready?
De toekomst met gaan.
Begin with the first lesson and work through the practice at your own pace.